
Nederland dreigt AI-race te missen door ruimtegebrek voor datacenters
Nederland staat op een kruispunt in de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie (AI). Terwijl wereldwijd honderden miljarden euro's worden geïnvesteerd in AI-infrastructuur, dreigt ons land terrein te verliezen door netcongestie, ruimtelijke beperkingen en een gebrek aan regie. Dat is de centrale conclusie uit het nieuwe NVM Business-magazine ‘Datacenters & AI: de fysieke onderlaag van een nieuwe economie’.
AI zorgt voor nieuwe ruimtevraag
Waar AI vaak wordt gezien als een digitale ontwikkeling, benadrukt NVM Business dat achter iedere AI-toepassing een fysieke infrastructuur schuilgaat van datacenters, energievoorzieningen en glasvezelverbindingen. Wereldwijd wordt tot 2030 naar verwachting ruim 5.200 miljard dollar geïnvesteerd in AI-gerelateerde infrastructuur. Alleen al de grote Amerikaanse technologiebedrijven investeren dit jaar gezamenlijk tussen de 700 en 750 miljard dollar. Nederland probeert daarop aan te haken. Volgens de AI Coalitie voor Nederland bevindt zich voor 3 tot 6 miljard euro aan AI-gerelateerde investeringen in de pijplijn. Tegelijkertijd waarschuwen experts dat deze investeringen onder druk staan door beperkte stroomcapaciteit en een steeds complexere vergunningverlening.
Grootste AI-datacenter midden in Amsterdamse netcongestie
Een van de meest opvallende voorbeelden is de bouw van een datacenter van circa 100.000 m² in Amsterdam-Westpoort. Het project, met een investeringswaarde van ruim 1 miljard euro, wordt ontwikkeld voor Microsoft en krijgt een IT-capaciteit van 78 megawatt. Volgens de vergunningaanvraag is voor de koeling wekelijks een hoeveelheid water nodig vergelijkbaar met drie olympische zwembaden. Juist deze locatie leidt tot discussie. Terwijl honderden bedrijven in Amsterdam wachten op een stroomaansluiting en de woningbouwopgave groot is, wordt tegelijkertijd ruimte gereserveerd voor een van de grootste AI-datacenters van Nederland. Neprom-directeur Fahid Minhas noemt dat "wrang" en waarschuwt dat dergelijke projecten de woningbouw verder kunnen belemmeren.

Datacenters als oplossing bij netcongestie
Tegenover die zorgen staat echter een opvallend tegengeluid vanuit de sector zelf. Stijn Grove, managing director van de Dutch Data Center Association, stelt dat datacenters niet alleen een belasting vormen voor het elektriciteitsnet, maar juist ook kunnen bijdragen aan de oplossing van netcongestie. Volgens hem kunnen datacenters fungeren als energiehubs die pieken en dalen in het stroomverbruik opvangen, duurzame energie lokaal benutten en restwarmte leveren aan woonwijken of glastuinbouw. Daarmee zouden datacenters, mits slim ingepast, niet zozeer een oorzaak maar eerder een onderdeel van de oplossing kunnen zijn.
Digitale soevereiniteit wordt nieuw sleutelbegrip
Vrijwel alle geïnterviewde experts wijzen op een verschuiving van het debat: niet langer staat alleen de vraag centraal óf Nederland datacenters nodig heeft, maar vooral voor wie en waarvoor. Innovatieprofessor Deborah Nas stelt dat digitale infrastructuur inmiddels een geopolitiek vraagstuk is geworden. Zij wijst erop dat veel Nederlandse overheden en vitale organisaties afhankelijk zijn van Amerikaanse cloudpartijen. Door de Amerikaanse CLOUD Act kunnen gegevens die fysiek in Europa staan onder omstandigheden toch onder Amerikaanse jurisdictie vallen. Volgens Nas moet Nederland daarom investeren in eigen AI-rekenkracht en Europese cloudcapaciteit. "De vraag is niet of we datacenters willen, maar voor wie en waarvoor", stelt zij.
Megaplan Rotterdam verdeelt de meningen
Het meest ambitieuze voorstel komt van Volt Datacentres en Eneco. Zij willen in de Rotterdamse haven een AI-gigafabriek realiseren met uiteindelijk meer dan 100.000 AI-chips en een vermogen van 750 megawatt. De totale investering kan oplopen tot 22,5 miljard euro. Voormalig ASML-topman Peter Wennink noemt het project essentieel voor de digitale soevereiniteit van Nederland en Europa. Het kabinet ziet dat anders en weigert voorlopig financiële steun, omdat de behoefte aan dergelijke grootschalige rekenkracht in Nederland volgens onderzoek nog onvoldoende is aangetoond. Interessant is dat strategisch onderzoeksinstituut HCSS juist concludeert dat een AI-gigafabriek noodzakelijk is om de afhankelijkheid van Amerikaanse technologiebedrijven te verkleinen. Daarmee ontstaat een fundamenteel debat over de toekomstige positie van Nederland in de digitale economie.
Datacenters steeds belangrijker voor economie
De economische betekenis van de sector blijkt aanzienlijk. Nederland telt 193 commerciële datacenters en 338 datacenters in eigen beheer. De sector levert volgens de in het magazine opgenomen cijfers ruim 6.000 directe en 13.000 indirecte arbeidsplaatsen op en vertegenwoordigt een directe economische bijdrage van 15,8 miljard euro per jaar. Meer dan 73 procent van alle Nederlandse datacenters bevindt zich in de Metropoolregio Amsterdam.
Vastgoedsector krijgt strategische rol
Voor de vastgoedmarkt ligt volgens NVM Business een nieuwe opgave. Datacenters ontwikkelen zich van een nichevastgoedcategorie tot een strategische economische voorziening. De discussie verschuift daarmee van vierkante meters naar nationale concurrentiekracht, energie-infrastructuur en digitale autonomie. De belangrijkste vraag die uit het magazine naar voren komt: kan Nederland voldoende ruimte blijven bieden aan de digitale economie zonder andere maatschappelijke opgaven zoals woningbouw, energietransitie en leefbaarheid in de verdrukking te brengen? De komende jaren zullen bepalend zijn voor het antwoord.
Noot voor de redactie
Het NVM-Business magazine over Datacenters & AI is hier te downloaden.
Voor meer informatie kun je contact opnemen met René Loman, woordvoerder NVM via de perslijn: 06 – 2147 7627 of via email: r.loman@nvm.nl
