Een eigen huis met tuin
Om met de deur in huis te vallen: wie droomt er niet van een eigen huis? Nederland is de afgelopen decennia welvarend geworden door onder meer de bevordering van het eigen woningbezit. De meeste Nederlanders lopen of liepen de carrièreladder door. Van een studentenkamer naar een starterswoning met tuin, een grotere woning met de kinderen om uiteindelijk weer kleiner te gaan wonen op seniorenleeftijd. Voor veel Nederlanders een herkenbaar patroon. Zo gaat het al generaties.
Die continue verhuisbewegingen maakten Nederland mooier en zorgden voor economische bloei: nagenoeg elke verhuizing levert een nieuwe keuken, vloerbedekking, badkamer en bedden op.
Het vertrouwen in de woningmarkt moet terugkeren. Door de huidige financiële crisis lijkt de bodem onder de woningmarkt weggeslagen. Een gezonde marktcorrectie is een feit, waarmee een einde is gekomen aan de almaar stijgende woningprijzen. Toch hoeven we niet te vrezen. De Nederlandse huizenmarkt is over het algemeen behoudend gefinancierd en de prijsstijgingen zijn in Nederland niet zo groot geweest als in Spanje en de Verenigde Staten.
Daarbij komt dat Nederland een schaarste aan woningen kent. Op termijn zullen de prijzen wel weer licht gaan stijgen. Dromen van een huis blijft dus van alle tijden. Dat er voor kopers juist nu goede mogelijkheden zijn om een (droom)huis te kopen tegen een gunstige prijs, is een waarheid als een koe. Dat verkopers te lang vasthouden aan ‘oude’ prijzen evenzeer.
Realiteitszin bij verkopers is het uitgangspunt om de woningmarkt, stukje bij beetje, weer op de weg naar boven te helpen.
Daarnaast zijn er de structurele problemen waarmee De Nederlandse Bank, de banken, de politiek, de AFM en dus ook de makelaars te maken hebben. Verhef deelbelangen niet tot grootste gemene delers! Met als gevolg dat er niets gebeurt. Dat kan en moet beter door de problemen op de woningmarkt integraal aan te pakken. Laten we over onze eigen schaduw heenstappen. Laten we de consument centraal stellen bij alle veranderingen die in deze periode noodzakelijk zijn. Dat moet de leidende gedachte zijn.
Ger Hukker, voorzitter NVM